Allergie

Help, een allergie!

Tegenwoordig hebben steeds meer kinderen, en volwassenen, last van allergieën. 20% tot 30% van alle kinderen en volwassenen in Nederland zegt allergische klachten te hebben. Deze klachten kunnen te maken hebben met voedsel allergieën, hooikoorts, astma en eczeem. Deze verschillende vormen van allergie staan met elkaar in verband. Dit wil zeggen dat als je last hebt van één van deze vormen van allergie, de kans groot is dat je ook één van de andere vormen van allergie zult krijgen. Als je allergisch bent, betekent dit dat jouw lichaam een gevoeligheid heeft voor allerlei soorten allergieën.

Een allergie is eigenlijk een verkeerde reactie van het afweersysteem. Het afweersysteem in je lichaam beschermt je normaal gesproken alleen tegen schadelijke stoffen en bacteriën, zoals ziektekiemen, maar bij iemand met een allergie reageert het afweersysteem ook op ‘gewone’ stoffen alsof ze schadelijk zijn. De stoffen die een allergische reactie kunnen veroorzaken worden allergenen genoemd. Als je allergisch bent reageert je afweersysteem dus heel heftig op deze allergenen.

Allergenen zijn bijvoorbeeld pollen, huisstofmijt, huidschilfers (van dieren), dierenharen en bepaalde voedingsstoffen, zoals dierlijke eiwitten, soja en noten. Een allergie op zich zelf is niet erfelijk. De aanleg voor allergieën is wel erfelijk, dit betekent dus dat als één van de ouders een allergie heeft, de kans aanwezig is dat kinderen een gevoeligheid voor allergieën erven. Maar je kunt dus niet van tevoren voorspellen of jouw kindje daadwerkelijk een allergie zal ontwikkelen, maar je kunt wel preventieve maatregelen nemen om de kans dat je kindje een allergie ontwikkelt te verkleinen. Hier zal ik later in dit artikel op terugkomen.

Voedselallergieën

Eén van de meest voorkomende allergieën bij kleine kinderen is de voedselallergie. Dit komt omdat, bij kleine kinderen, het afweersysteem en het maagdarmkanaal nog niet volledig ontwikkeld zijn. De meest voorkomende voedselallergieën bij kleine kinderen zijn koemelkeiwit-allergie, kippeneiwit-allergie en noten-allergie. 50% van de kinderen overgroeit de koemelkallergie binnen het eerste jaar. En na drie jaar is zelfs 90% van de kinderen niet meer allergisch voor koemelk. Kinderen groeien dus gelukkig vaak over hun allergieën heen.

De kans blijft echter aanwezig dat de allergie op latere leeftijd terugkomt of dat zich een andere allergie ontwikkelt, want de gevoeligheid voor allergieën blijft helaas je hele leven. 2% tot 6% van de baby’s in westerse landen ontwikkelt een koemelkallergie. De klachten bij een koemelkallergie zijn: Maag en darm klachten; zoals spugen, diarree en buikkrampjes.Eczeem of huiduitslag; zoals een rode, schilferige huid, galbulten en zwellingen rond de lippen en ogen. Klachten van de luchtwegen; zoals astma of kortademigheid en een verstopte neus. Veel huilen, onrustig gedrag en slecht slapen.

De oplossing voor koemelk allergie is hypoallergene flesvoeding en producten met koemelk vermijden. Vroeger werd bij kinderen met koemelkallergie vaak sojamelk gegeven als vervanger van de melk. Sojamelk kan echter heel makkelijk een soja-allergie veroorzaken. Het is dus belangrijk dat je dit eerst goed overlegt met een arts. VoorzorgsmaatregelenAls je van tevoren weet dat er in de familie voedselallergieën voorkomen, kun je vanaf de geboorte voorzorgsmaatregelen nemen om de kans te verkleinen dat jouw kindje ook een allergie ontwikkelt. Na de geboorte is het afweersysteem en het maagdarmkanaal nog niet volledig ontwikkelt, waardoor de kans groter is dat kinderen last krijgen van een allergie.

De belangrijkste preventieve maatregel, in de eerste maanden, is het letten op de voeding. Er wordt geadviseerd om de eerste 6 maanden borstvoeding te geven. In borstvoeding zitten namelijk beschermende stoffen die goed zijn voor baby’s. Tijdens het geven van de borstvoeding zou je zelf ook bepaalde voedingstoffen zo veel mogelijk kunnen laten staan, zoals koemelk producten, noten, soja, ei en vis. Als kinderen allergisch reageren op gewone flesvoeding of als je geen borstvoeding kunt geven, dan kun je overstappen op hypoallergene flesvoeding, ook wel peptidenvoeding genoemd. Verschillende merken die flesvoeding leveren, maken ook hypoallergene flesvoeding. Geef de eerste 6 maanden ook het liefst nog geen andere voeding aan je kind dan borstvoeding. Pas na deze 6 maanden kun je dan beginnen met andere voeding zoals fruit en brood.

Als kinderen allergisch zijn of aanleg voor allergieën hebben, is het verstandig om kinderen voorlopig ook geen andere bekende allergenen te geven, zodat ze geen andere allergieën kunnen ontwikkelen. Bekende allergenen die allergische reacties kunnen veroorzaken zijn: kippeneieren, pinda’s, noten, soja, appels, aardbeien, nectarine en meloen. Ook spinazie, andijvie en bonen bevatten stoffen die een allergische reactie kunnen veroorzaken. Al deze voedingsmiddelen kun je na 12 maanden langzaam aan je kind gaan geven. Begin na 6 maanden het liefst met producten die geen allergenen bevatten. Geef hierbij nooit meer dan één nieuw voedingsmiddel tegelijk en geef nieuwe voedingsmiddelen bij voorkeur overdag zodat je direct de eventuele reactie kunt zien. Als je kind een reactie krijgt op een bepaald voedingsmiddel wacht dan tot alle klachten weer verdwenen zijn, voordat je een ander nieuw voedingsmiddel geeft, zodat je kunt zien of het nieuwe voedingsmiddel ook een allergische reactie veroorzaakt.

Het voedingsmiddel dat eerder een allergische reactie veroorzaakte, kun je na 3 tot 6 maanden nog een keer proberen. Om te voorkomen dat je kind een allergie ontwikkeld zijn er nog een aantal andere preventieve maatregelen die je kunt nemen tijdens de zwangerschap en na de geboorte van je kind. Ten eerste is dat niet roken tijdens de zwangerschap (dit is sowieso erg slecht voor je ongeboren kindje!) en na de geboorte ook niet in de buurt van je kind roken. Probeer verder het huis zoveel mogelijk stofvrij en schoon te houden, stofzuig en sop dus regelmatig, in ieder geval één keer per week. Lucht het huis regelmatig door de ramen open te zetten. Op deze manier voorkom je zoveel mogelijk huisstofmijt. Het stofvrij en schoon houden van het huis lukt het best als er houten vloeren, zeil of tegels liggen in het huis. Vloerbedekking is niet goed schoon te houden en bovendien een bron van huisstofmijt en stof.Airco is ook niet goed voor kleine kinderen, zet in plaats daarvan dus vaak de ramen open. Hierdoor verminder je ook de luchtvochtigheid in huis. Verder zou je vochtvreters in de vochtige ruimtes kunnen zetten, zoals de badkamer en keuken.

Huisdieren veroorzaken ook vaak allergieën. Dus neem het liefst geen huisdieren in huis als je kleine kinderen hebt. Knuffels van kinderen zijn ook bronnen voor huisstofmijt en stof, dus belangrijk is om de knuffels regelmatig te wassen of leg ze 24 uur in de diepvries, dit doodt de huisstofmijt. AllergietestenAls je denkt dat je kindje een allergie heeft, maar je weet niet precies wat de allergische reactie veroorzaakt dan is het een goed idee om een voedseldagboek bij te houden. Hierin schrijf je op wat je kindje op een dag eet, op welke tijdstippen, welke hoeveelheden en het merk van de voeding. Vervolgens schrijf je ook de eventuele reactie die je kind die dag krijgt en op welk tijdstip. Met een dergelijk voedseldagboek kun je vervolgens naar een huisarts of kinderarts gaan. Samen met deze arts kan dan getest worden of je kindje daadwerkelijk allergisch is. Dit kan op verschillende manieren; door een bloedonderzoek, een huidtest, of de eliminatie- herintroductie methode.

Bij het bloedonderzoek wordt onderzocht of er allergische antistoffen in het bloed zitten en welke antistoffen dit zijn, dus voor welke stoffen kinderen allergisch zijn. Bij de huidtest wordt een druppel met allergenen op de huid aangebracht en hier wordt vervolgens een heel klein krasje ingemaakt. Vervolgens wordt gekeken of de huid een reactie geeft. Zowel bij het bloedonderzoek als bij de huidtest is de uitslag niet altijd 100% betrouwbaar, zeker bij kleine kinderen niet. Laat een dergelijke allergietest daarom altijd uitvoeren door een allergoloog of door een arts die gespecialiseerd is in allergieën, zodat de uitslag van de test goed geïnterpreteerd wordt en je ook een goede uitleg krijgt.

De andere manier, de eliminatie-herintroductie methode, is daarentegen wel zeer betrouwbaar. Hierbij wordt de voeding waarvan gedacht wordt dat het de allergische reactie veroorzaakt weggelaten tot de allergische reactie volledig verdwenen is, dit duurt meestal twee tot vier weken. Daarna krijgt het kind weer een kleine hoeveelheid van de voeding om te kijken of de allergische reactie weer terugkomt. Deze test moet altijd in samenwerking met een allergoloog of arts gebeuren, omdat kinderen hele heftige allergische reacties kunnen krijgen! Al deze allergietesten kunnen vanaf de geboorte worden uitgevoerd, bij kleine kinderen is de uitslag, zoals al eerder gezegd, niet 100% betrouwbaar, maar dit betekent niet dat het niet nuttig is om een dergelijke allergietest uit te voeren.

Als duidelijk wordt uit de allergietesten dat je kind een voedselallergie heeft, maakt dit dan aan iedereen uit de omgeving bekend. Zodat je zeker weet dat je kind die voedingsstoffen niet meer binnenkrijgt. Denk aan familie, vrienden, leidster van het kinderdagverblijf of de juf op school. Leg vervolgens ook aan je kind zelf uit dat het bijvoorbeeld geen melk of pindakaas mag, omdat het daar heel erg ziek van wordt. Op deze manier is het voor kinderen makkelijker om dat eten of drinken te laten staan..

Meer informatie over allergieën:http://www.babyallergie.nl/ http://www.kindereczeem.nl/ De Nederlandse Voedselallergie Stichting (NVAS) telefoon: 033-4655098 Het Landelijk Informatiecentrum Voedselovergevoeligheid (LIVO) telefoon: 070-3068890

Geschreven door: Drs. Anjuli Stellwag, ontwikkelingspsychologe.

Fles

© KiKeBOO 2008 | e-mail: kinderdagverblijf@kikeboo.nl | telefoon: 030 - 8789 707 | disclaimer